17 april


Toen ik aan mijn docentenopleiding begon, moest ik een stuk schrijven over mijn visie op het beroep van leraar Nederlands. ‘De leraar Nederlands moet ook aandacht besteden aan de ontwikkelingen in de actualiteit,’ schreef ik, ‘naast een overbrenger van taal- en literatuurkennis moet hij ook engagementkweker zijn.’
In de beroepspraktijk komt dat erop neer dat ik grote gebeurtenissen steevast met klassen bespreek en dat ik, voor de lockdown, wekelijks een nieuwsquiz deed, waarin ik de studenten op een speelse manier over de actualiteit bevroeg.
‘Meneer,’ zei een van mijn studenten trots een week voordat de scholen sloten, ‘ik heb gewoon gisteren het nieuws gekeken om goed te scoren bij de quiz. Ik vond het …’ hij dacht even na, ‘ik vond het eigenlijk best wel meevallen.’

Al dat opgebouwde engagement is prachtig, maar er kleeft ook een risico aan. Dat ontdekte ik de afgelopen weken. De nieuwsgierigheid houdt ons op de been, we leven voor het vraagteken, maar wie het nieuws te nauwkeurig op de voet volgt, wordt bang.
‘Wat zit je nou toch steeds te doen?’ vroeg Lisa tijdens de eerste quarantaineweek terwijl ik lijkbleek op de bank zat. Door haar woorden ontwaakte ik uit een trance – anderhalf uur aan een stuk had ik de liveblog van de NOS ververst en was er ondertussen zeker van dat de wereld, en alles daaromheen, spoedig aan corona ten onder zou gaan.
‘Stop daar eens mee,’ zei ze streng, en trok mijn telefoon uit mijn handen. Ik gaf haar groot gelijk – en in de daaropvolgende tijd liet ik de liveblog links liggen. Ik keek slechts éénmaal per dag het nieuws, waar ik bovendien de helft weer van probeerde te vergeten. Talkshows werden taboe. Met genoegen verloor ik de grip op alle cijfers van zieken en doden en langzaam opende mijn hoofd zich voor andere, verlichtende zaken.

Vanochtend drong de gedachte aan mijn studenten aan me op, die nu wellicht collectief een hogere nieuwsquizscore zouden behalen dan ik. Ik voelde een aangename, bescheiden tinteling ter hoogte van mijn borst, onmiskenbaar: het idee vervulde me met een lichte trots.

Terug